Draagkracht creëren binnen gezinnen in armoede
Al vele jaren werkt Centrum Kauwenberg met gezinnen in generatie-armoede. Zij merken dat de effecten van armoede doorsijpelen binnen het gezin, ook naar jonge kinderen. Uiteraard willen ook ouders in armoede gewoon het beste voor hun kinderen. Maar de zware rugzak met ervaringen van uitsluitingen, teleurstellingen, deksels op de neus,… krijg je als ouder niet zo maar afgeworpen. Bovendien wordt onze samenleving steeds complexer en wordt veel verwacht van burgers, waardoor mensen in armoede nog sneller uit de boot vallen. Wij merken bijvoorbeeld dat bepaalde rechten enkel nog verkregen worden als er tegemoet gekomen wordt in verschillende opgelegde voorwaarden. Hierdoor krijgen kinderen en gezinnen vaak niet de kansen die ze verdienen.
De ouders binnen Centrum Kauwenberg willen een betere toekomst voor hun kind, ze zien opvoeden echt als “een groot project”. Door het leven in armoede en door het gebrek aan eigen goede voorbeelden, voelen ouders zich echter vaak onzeker. Bovendien merken we dat de algemene gevoelens van onzekerheid en minderwaardigheid al snel worden overgenomen door de kinderen. Zelfs kleuters binnen onze werking hebben al snel een lager zelfbeeld, wat dan weer snel stress en symptomen van depressie en angst in de hand werkt. Het falen van de kinderen wordt dan ook dikwijls toegeschreven aan de ouders alsof het hun schuld is.


In Antwerpen zijn verschillende initiatieven die zich specifiek richten op ondersteuning van gezinnen, soms zelfs met specifieke focus op gezinnen in armoede of gezinnen waarbij het opvoeden wat moeilijker loopt. Gezinnen in generatie-armoede vinden vaak moeilijk aansluiting bij deze initiatieven, ze hebben vaak schrik om iets verkeerd te zeggen of om ongewild bepaalde alarmprocedures te starten. Mensen in armoede ondervinden problemen op verschillende vlakken. Problemen op één domein versterken de problemen op andere domeinen. Het aanleren van een aantal vaardigheden die zich uitsluitend op opvoeding richten en in een vooraf afgebakend aantal of vast pakket worden aangeboden (zoals preventieve opvoedingsondersteuning er tegenwoordig vaak uitziet) valt moeilijk te rijmen met de situatie van mensen in armoede. Daarom spreken we ook liever van gezinsondersteuning ipv opvoedingsondersteuning.


Vertrekken vanuit de kracht (eigen ervaringen)
Binnen onze werking slagen wij er wel in om dit onderwerp bespreekbaar te maken. Door mensen in armoede te verenigen krijgen zij de kans om hun vragen, angsten en twijfels te benoemen. Er is ruimte om verschillende ervaringen rond opvoeding te delen. “Ik haal mijn informatie rond opvoeding niet uit de boekskes. Ik ben niet zo ’n lezer. Ik hoor hier op de speelinstuif vanalles van de andere mama’s en ik pak er van mee wat ik interessant vind.” Als verenigingen willen we vooral een veilige plek bieden, een plaats waar dingen niet enkel worden geproblematiseerd maar die net een basis kan vormen om problemen aan te pakken. Centrum Kauwenberg is een veilige haven van waaruit mensen gestimuleerd worden om als volwaardige burger deel te nemen aan de samenleving en naar waar ze ook kunnen terugkeren indien nodig. De mensen ondersteunen elkaar en zijn solidair. Er is weinig aandacht voor de binnenkant van de armoede. Er zijn natuurlijk basisvoorwaarden zoals inkomen, huisvesting, kledij, maar wat betekent het voor ouders en kinderen te leven in armoede. Welke effect heeft dit op hun zelfwaardegevoel, gevoelens van schuld, vragen zoals ‘ Ben ik een goede moeder?’. Door het gebrek aan financiële middelen kunnen ouders hun kinderen niet altijd geven wat ze willen. Als men meer aandacht aan de opvoeding van de kinderen wil schenken moet men starten vanuit respect voor de ouders en respect voor de loyaliteit van de kinderen naar hun ouders.

Als vereniging waar armen het woord nemen, proberen wij steeds te vertrekken vanuit die kracht van mensen in armoede, of het nu gaat rond schuldhulpverlening, opvoedingsondersteuning of de digitale kloof. Door met elkaar in gesprek te gaan, bekijken we elke situaties met verschillende brillen. Zo krijg je beter vat op wat het onderliggende probleem is en kan je oplossingen goed laten aansluiten op de specifieke situatie, of bepaalde oplossingen gewoon uitsluiten omdat je al op voorhand weet dat ze toch niet gaan werken. Via vorming proberen wij deze werkwijze ook door te geven aan andere diensten.

Vertrekken vanuit het gezin
Net als voor veel mensen, speelt ook voor mensen in armoede het gezin vaak een centrale plaats in hun leven. Doordat het algemene sociale netwerk van mensen in armoede gemiddeld beperkter is, krijgt het gezin misschien wel een nog belangrijke plaats. Vaak worden ontgoochelingen in diensten of “anderen” opgestapeld of doorgegeven, waarbij het algemeen wantrouwen toeneemt en het eigen gezin vaak het enige betrouwbare wordt.

Net daarom proberen wij bij Centrum Kauwenberg het hele gezin te betrekken bij onze werking. Er is een vrouwengroep, een mannengroep, een kinderwerking en een jongerenwerking. Er zijn verschillende linken tussen de groepen. Tijdens de bewegingsschool, bijvoorbeeld, kunnen kinderen op speelse manier bewegen, terwijl ouders ondertussen uitwisselen over hun ervaringen met opvoeden. Voor specifieke onderwerpen roepen we externe hulp in.

Doordat kinderen zich goed voelen bij ons, kunnen we ook veel sneller het vertrouwen winnen van hun ouders. Wij begrijpen de situatie van de jongeren beter, omdat wij ook het verhaal van hun ouders kennen. Doordat kinderen aangeven dat ze zich goed voelen bij ons, komen ouders ook sneller terug.
Net omdat het gezin voor mensen zelf zo’n belangrijke plek inneemt, is het echt een meerwaarde als ook hulpverlening rekening houdt met die gezinscontext.

Het is niet onze bedoeling om bestaande initiatieven met de vinger te wijzen. Wel om belangrijke aandachtspunten mee te geven waarmee men rekening dient te houden, wil men ouders in armoede effectief ondersteunen en hen zelf ook het gevoel geven ondersteund te worden.

  • Mensen in armoede hebben er haast alles voor over om hun kinderen een betere toekomst te bieden dan het leven dat ze zelf gekend hebben. De motivatie om dit doel te bereiken is een grote kracht. Erken deze, naast hun andere kwaliteiten en focus niet enkel op wat er niet goed loopt.
  • Investeren in de relatie met ouders en tijd nemen om na te gaan wat zij willen is van groot belang. Het ‘tijdverlies’ dat hier op het eerste zicht mee gepaard lijkt te gaan resulteert op termijn gegarandeerd in tijdswinst en een goed onderling contact dat de hulpverlening ten goede komt.
  • Het is belangrijk voor diensten om te luisteren naar ouders in armoede, naar hun ervaring van ouder zijn en naar hun noden betreffende opvoedingsondersteuning.
  • Er dient binnen opvoedingsondersteuning meer aandacht te zijn voor verschillen in waarden- en normenpatronen. Soms lijkt het alsof de waarden en normen die achter het huidig aanbod van opvoedingsondersteuning schuil gaan, die van één bepaalde bevolkingsgroep (‘middenklasse’) zijn.
  • Het kan erg vruchtbaar zijn om soms te durven afwijken van een vast stramien of formeel contact. ‘Tussendoor’ (samen onderweg in de auto, tijdens de afwas, …) bereik je samen soms meer dan tijdens formele contactmomenten.
  • Mensen in armoede ondervinden problemen op verschillende vlakken. Problemen op één domein versterken de problemen op andere domeinen. Het aanleren van een aantal vaardigheden die zich uitsluitend op opvoeding richten en in een vooraf afgebakend aantal of vast pakket worden aangeboden (zoals preventieve opvoedingsondersteuning er tegenwoordig vaak uitziet) valt moeilijk te rijmen met de situatie van mensen in armoede. Het aanbod dient beter te worden afgestemd op de situatie van mensen in armoede. Er dient voldoende en oprechte aandacht te zijn voor hun noden en niet omgekeerd.
  • Mensen geven aan veel steun te hebben aan elkaar, aan ‘gewone’ contacten met mensen waarmee ze zich verbonden voelen. Opvoedingsondersteuning kan daarop een goede aanvulling bieden maar is niet voor iedereen noodzakelijk. Het lijkt een aandachtspunt om opvoeden niet overdreven te professionaliseren. Bijvoorbeeld plaatsen waar er ruimte is voor verbonden contacten, zoals in de oudergroep.
  • Indien een organisatie of dienst met hun aanbod aan opvoedingsondersteuning mensen in armoede wil bereiken, dienen ze hun aanbod voor een deel aan te passen opdat drempels worden weggewerkt voor mensen in armoede. Eenzijdig ‘toeleiden’ van mensen naar dergelijke initiatieven door een Vereniging waar armen het woord nemen zonder nauwere samenwerking en aanpassing van de betreffende initiatieven zelf, werkt niet. Vanuit het beleid kunnen belangrijke aanzetten gegeven worden om dergelijke partnerschappen te stimuleren.
  • Wanneer mensen in armoede vragende partij zijn om informatie te verkrijgen over opvoeding, vragen ze uitdrukkelijk om deze te verkrijgen in een voor hen vertrouwde omgeving. Dit impliceert dat organisaties die opvoedingsondersteuning aanbieden, ook naar buiten moeten kunnen treden. Hiervoor naar een bepaalde dienst/winkel/… moeten gaan vormt voor mensen in armoede op zich al een hoge drempel die vaak afhaken tot gevolg heeft.
Go to top